Hoog cholesterolgehalte

Gezond eten t.b.v. Te hoog cholesterol

Cholesterol is een vetachtige stof wat als een klein bolletje voorkomt in ons lichaam. Dit bolletje is omringt met een laagje eiwit, waardoor het gemakkelijk door je lichaam vervoerd kan worden. Dat cholesterol een ‘slecht’ type vet is, is onjuist. Ons lichaam heeft juist cholesterol nodig als bouwsteen voor cellen, hormonen en het maken van gal. Een klein deel krijg je via voeding binnen. Het meeste cholesterol wordt door de lever gemaakt. Normaal gesproken houdt het lichaam zelf bij hoeveel cholesterol er dagelijks nodig is en maakt hier dan ook precies genoeg van aan. 

Uit jouw bloedonderzoek komen een aantal waarden. Welke waarde voor jou ‘normaal’ is, hangt van van je totale risico op hart- en vaatziekte, leeftijd en geslacht. 

Totaal cholesterol

  • Gewenst: lager dan 5,0 mmol/l
  • Sterk verhoogd: boven de 8,0 mmol/l 

LDL-cholesterol 

  • Gewenst: onder de 3,0 mmol/l
  • Gewenst: lager dan 2,6 mmol/l bij mensen met een hoog risico op hart- en vaatziekten
  • Gewenst: lager dan 1,8 mmol/l bij mensen met hart- en vaatziekten die jonger zijn dan 70 jaar

HDL-cholesterol

  • Gewenst: hoger dan 1,0 mmol/l bij mannen
  • Gewenst: hoger dan 1,2 mmol/l bij vrouwen

Triglyceriden

  • Gewenst: lager dan 1,7 mmol/l

Je hebt een verhoogd cholesterolgehalte als je:

  • Totaal cholesterol hoger is dan 5 mmol/l óf
  • LDL-gehalte hoger is dan 3,0 mmol/l

Bij het meten van je cholesterol, via bloedonderzoek, worden er meerdere vetachtige stoffen gemeten: LDL-cholesterol, HDL-cholesterol en bepaalde vetdeeltjes (triglyceriden).

LDL: slecht cholesterol
LDL-cholesterol vervoert cholesterol van de lever naar andere weefsels in je lichaam. Bij een hoog LDL-cholesterolgehalte in je bloed heb je meer kans op vernauwingen in slagaders. De LDL-bolletjes hopen zich dan op in je bloedvaten. Dit gebeurt sneller wanneer de wand van het bloed beschadigd is. 

HDL: goed cholesterol
HDL-cholesterol vervoert overtollig cholesterol uit weefsels en bloedvaten terug naar de lever. Hierna breekt de lever het cholesterol af. Voldoende HDL-cholesterol in het lichaam beschermt je tegen hart- en vaatziekten. 

Triglyceriden
Vetten afkomstig uit je eten bestaan vooral uit triglyceriden. Na een vetrijke maaltijd stijgen de hoeveelheid triglyceriden in je bloed dan ook. Na verloop van tijd daalt deze hoeveelheid, omdat je lichaam o.a. je lichaam deze vetten gebruikt als energiebron.

(Te) hoge waarden van trygliceriden in je bloed dragen bij aan het ontstaan van slagaderverkalking: vernauwingen in je bloedvaten. Het effect is wel minder duidelijk dan bij LDL-cholesterol. 

Gezonde voeding kan ervoor zorgen dat je cholesterolgehalte weer op gezond niveau komt. Je kan letten op:

Het type vet wat je binnenkrijgt

Onze voeding bestaat uit verschillende soorten vetten, die ieder effect heeft op het cholesterolgehalte. Hiervoor is een handig ezelsbruggetje:

  • Onverzadigd vet = OK
    Verhoogt het ‘goede’ cholesterolgehalte in het bloed (HDL)
  • Verzadigd vet = Verkeerd
    Verhoogt het ‘slechte’ cholesterolgehalte in het bloed (LDL)

Meer onverzadigd vet
Hoe zorg je ervoor dat je meer onverzadigd vet binnenkrijgt? Bijvoorbeeld door vaker (vette) vis te eten, gebruik oliën als olijfolie, zonnebloemolie of vloeibare bak- en braadproducten. Let op: deze producten bevatten ook veel energie (kcal). Neem er dus niet teveel van. 

Minder verzadigd vet
Je kunt verzadigd vet beperken door minder vette vlees(waren), harde vetten, volle melkproducten en volvette kazen te eten.

Cholesterolrijke producten is niet de boosdoener

Cholesterol komt ook als stof in bepaalde voedingsmiddelen voor. Vroeger dacht men dat het cholesterolgehalte in het lichaam hierdoor het meest werd beïnvloed. Inmiddels weten we dat dit niet klopt: verzadigde vetten hebben het meeste invloed op het cholesterolgehalte.

Toch is het verstandig cholesterolrijke producten te beperken. Voorbeelden hiervan zijn eieren, orgaanvlees en volvette zuivelproducten.

Het voldoende binnenkrijgen van vezels

Oplosbare vezels zorgen ervoor dat er minder cholesterol in je bloed wordt opgenomen. Zorg er daarom voor dat je dagelijks 200 gram groenten en 2 stuks fruit eet.

Behalve dat je met voeding je cholesterolgehalte kunt verlagen, is dit ook mogelijk door extra lichaamsbeweging en het verliezen van gewicht. Kies bijvoorbeeld vaker de trap in plaats van de lift of wandel de afstanden die je normaal gesproken fietst. 

De diëtist kijkt naar jouw lichamelijke behoefte, zoals energie (kcal), eiwitten, vetten, koolhydraten, vitamines en mineralen. Op basis daarvan maakt de diëtist een persoonlijk voorbeelddagmenu. Daarnaast helpt de diëtist je bij het verlagen van je cholesterolgehalte. Hij/zij leert je welke voedingsmiddelen je beter kunt vermijden, verminderen en/of vervangen.

  • Als je cholesterolgehalte te hoog;
  • Als je meer weten over verzadigde vetten en onverzadigde vetten;
  • Als je meer weten over cholesterolrijke producten;
  • Als je weten of je voldoende voedingsstoffen binnenkrijgt.