Brandwonden

Wanneer de huid in aanraking komt met langdurige of extreme hitte kunnen verwondingen ontstaan. Hoe diep en ernstig deze brandwonden zijn, hangt af van de temperatuur, de tijd dat de huid aan de hitte is blootgesteld en de oorzaak van de verbranding, zoals vuur of frituurolie.

Brandwonden zijn onder te verdelen in vier categorieën:

  • eerstegraads verbranding;
  • oppervlakkige tweedegraads verbranding;
  • diepe tweedegraads verbranding;
  • derdegraads verbranding.

De klachten zijn per categorie verschillend.

Bij een eerstegraads verbranding is de huid rood, droog, pijnlijk en soms wat opgezwollen. Dit gebeurt bijvoorbeeld als je te lang onbeschermd in de zon zit. Na een aantal dagen zijn de klachten verdwenen.

Bij een oppervlakkige tweedegraads verbranding is de huid rood, nat en pijnlijk. Ook kunnen er blaren ontstaan.

Bij een diepe tweedegraads verbranding is er sprake van een diepere wond. Deze is roodachtig of wit, nat en zeer pijnlijk. Deze wond komt voor wanneer de huid langere tijd aan hitte is blootgesteld.

Bij een derdegraads verbranding is de wond heel diep. De wond is wit of zwart, droog en leerachtig en doet nauwelijks pijn. Vaak zijn bij deze diepe brandwonden ook de zenuwen in de huid aangetast.

Bij (ernstige) brandwonden kun je ook last hebben van:

  • Oedeem;
  • Diarree;
  • Misselijkheid;
  • Maagretentie (achterblijven van voedsel in de maag).

Door op je voeding te letten kunnen brandwonden sneller genezen. Een volwaardige voeding zorgt namelijk voor een goed afweersysteem en dus voor weerstand tegen infecties.

Daarnaast vragen brandwonden veel van je lichaam. Daarom heb je extra energie en eiwitten nodig. Hoeveel je precies nodig hebt, is afhankelijk van de grootte van het verbrande huidoppervlak.

  • Drink voldoende: minimaal 1,5 liter per dag voor volwassenen. Hoe meer urineafscheiding, hoe meer vocht je nodig hebt;
  • Gebruik voldoende zout. Wanneer je meer zout afscheidt door urine en bloedverlies, heb je meer zout nodig;
  • Zorg voor voldoende vitamine C en zink. Vitamine C zit voornamelijk in groente, fruit en aardappelen. Zink komt vooral voor in vlees, vis, bruinbrood, peulvruchten en rijst;
  • Maak eventueel gebruik van immunonutritie. Deze sondevoeding is rijk aan energie en levert specifieke voedingsstoffen die het immuunsysteem versterken. De stoffen waar het om gaat zijn glutamine, arginine, koper, mangaan, selenium en vitamine A. Voorbeelden van sondevoeding met een specifieke samenstelling zijn Impact® en Immun-Aid®.

Bij grote verbrandingen (groter dan 20 procent van het huidoppervlak) heb je kiemarme voeding nodig. Een kiemarme voedingspatroon bevat zo min mogelijk ziekmakende bacteriën, gisten en schimmels. Vermijd de volgende producten: schimmelkazen (zoals brie en camembert), honing, rauwe vlees(waren) zoals rosbief, fricandeau, tartaar en filet americain), melkproducten die langer dan 2 uur uit de koeling zijn en zacht niet schilbaar fruit (zoals aardbeien, kersen, frambozen, druiven). Een uitgebreide lijst vind je op de website van het AMC.

Zorg bovendien voor een goede hygiëne. Let ook goed op de bewaar- en bereidingsadviezen van voedingsmiddelen. Met deze maatregelen wordt de kans op een infectie via de voeding minimaal.

Een diëtist kan helpen een volwaardige voeding te creëren die je weerstand verhoogt en de kans op infecties verkleint. Ook geeft hij of zij advies bij klachten als diarree en misselijkheid.

Door de brandwonden kun je moeite hebben met eten of drinken, waardoor het risico bestaat op gewichtsverlies, ondervoeding of angst om te eten. Een diëtist kan je algemene tips geven en samen met jou een persoonlijk dagmenu opstellen.

  • Als je brandwonden hebt;
  • Als je vragen hebt over je huidige eetpatroon;
  • Als je ongewenst gewicht verliest;
  • Als je een eentonige voedingspatroon hebt en weinig eetlust ervaart;
  • Als je last hebt van diarree, misselijkheid of andere maag-darmklachten.